{"id":5409,"date":"2025-08-18T15:29:02","date_gmt":"2025-08-18T13:29:02","guid":{"rendered":"https:\/\/www.anwaelte-schneider-stein.de\/?p=5409"},"modified":"2025-08-18T18:02:10","modified_gmt":"2025-08-18T16:02:10","slug":"geen-recht-op-2-ouders","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.anwaelte-schneider-stein.de\/nl\/ssp-news\/kein-anspruch-auf-2-elternteile\/","title":{"rendered":"Geen recht op 2 ouders"},"content":{"rendered":"<section class=\"l-section wpb_row height_small\"><div class=\"l-section-h i-cf\"><div class=\"g-cols vc_row via_grid cols_1 laptops-cols_inherit tablets-cols_inherit mobiles-cols_1 valign_top type_default stacking_default\"><div class=\"wpb_column vc_column_container\"><div class=\"vc_column-inner\"><div class=\"wpb_text_column\"><div class=\"wpb_wrapper\"><p>BVerfG, besluit van 10 april 2025 - 1 BvR 842\/24<\/p>\n<p><strong>Feiten van de zaak<\/strong><\/p>\n<p>Een getrouwde man wilde zijn <strong>Stiefkind<\/strong> uit het gescheiden 1e huwelijk <strong>alleen<\/strong> adopteren. Zijn huidige echtgenote en de vader en moeder van het meerderjarige stiefkind stemden in met het adoptieverzoek. De adoptie moest worden uitgesproken met de sterke gevolgen van een adoptie van een minderjarige (\u00a7 1772 BGB). In dit verband oordeelde het Federale Hof van Justitie op 11.08.2021 dat zelfs in het geval van een <strong>Adoptie van volwassenen<\/strong> adoptie door slechts \u00e9\u00e9n echtgenoot is niet mogelijk; adoptie kan alleen gezamenlijk plaatsvinden (BGH NJW-RR 2021, 1514). De adoptieouder en adoptiekind beriepen zich echter op de mogelijkheid van deze <strong>Uitzondering<\/strong>Het was belangrijk dat de geadopteerde het kind van zijn moeder bleef, dat zijn vader ophield een ouder te zijn en dat hij het nieuwe wettige kind van de adoptieouder werd. In tegenstelling tot een zwakke adoptie van een meerderjarige, waarbij de afstammingsrelatie ook blijft bestaan met de juridische vader van de geadopteerde, met wie over het algemeen geen contact is, was het doel van de regelgeving voor een sterke adoptie van een meerderjarige om selectief een kind van de adoptieouder te adopteren. <strong>Vader ruilen<\/strong> met <strong>Moederlijke status behouden<\/strong> worden uitgevoerd. Rekening houdend met het gelijkheidsbeginsel (art. 3 lid 1 AVG) en de fundamentele gezins- en ouderrechten (art. 6 AVG), volgt dit uit de gedifferentieerde toepassing van art. 1741 lid 2 BGB in dit opzicht voor gehuwde adoptanten.<\/p>\n<p><strong>Rechtbanken van eerste aanleg hebben het verzoek afgewezen<\/strong><\/p>\n<p>De lokale rechtbank wees het verzoek af, omdat volgens de bewoordingen en de interpretatie van het BGH de aanvaarding alleen gezamenlijk kon worden gedaan. Het Oberlandesgericht heeft dit bevestigd: Een schending van de <strong>Gelijkheidsbeginsel<\/strong> niet aanwezig is, aangezien het de wetgever niet verboden is onderscheid te maken. In dit verband moet de wettelijke beleidsintentie om stiefkindrelaties te vermijden worden gebruikt als rechtvaardiging voor de ongelijke behandeling van ongehuwde en gehuwde adoptanten. Er is ook een gebrek aan existenti\u00eble hardheid die mogelijk een teleologische inperking van \u00a7 1741 lid 2 zin 2 BGB zou kunnen rechtvaardigen.<\/p>\n<p><strong>Besluit van het Bundesverwaltungsgericht<\/strong><\/p>\n<p>Het Federale Constitutionele Hof (Bundesverfassungsgericht) aanvaardde de grondwettelijke klacht die hiertegen was ingediend niet. Er was duidelijk niet voldaan aan de voorwaarden voor stiefkindadoptie. Het gewenste doel zou ook niet bereikt kunnen worden als \u00a7 1741 lid 2 zin 2 BGB ongrondwettig zou zijn, omdat de bijzondere wet daarin niet voorziet.<\/p>\n<p>Het Bundesverwaltungsgericht wijst erop dat het gewenste doel alleen kan worden bereikt door adoptie van volwassenen met de <strong>Juridische gevolgen van een stiefkindadoptie<\/strong> <strong>buiten stiefkindrelaties <\/strong>die dan echter door de grondwet vereist zou moeten zijn. In deze beslissing staat het onderzoek van artikel 6 van de basiswet centraal. Aangezien aan art. 6 lid 2 zin 1 GG (basisouderrecht) geen wettelijk recht op adoptie kan worden ontleend voor een sociaal ouderschap, zou het doel alleen haalbaar zijn als art. 6 lid 1 GG als basisgezinsrecht in een dergelijk recht zou voorzien. <strong>Bod<\/strong> inbegrepen. Aangezien de werkelijke <strong>Onderwijsgemeenschap<\/strong> met kinderen wordt beschermd door het fundamentele familierecht in art. 6 lid 1 GG, zou dit verder gaan dan de aspecten van juridisch ouderschap in art. 6 lid 2 zin 1 GG. De bescherming van het gezin ongeacht een formele ouderlijke status verplicht de staat echter niet om een <strong>Sociaal ouderschap<\/strong> tot juridisch ouderschap door adoptie. Hoewel er een verantwoordelijkheid van de staat is om een specifieke ouderlijke relatie met de kinderen mogelijk te maken en te waarborgen, is er <strong>Geen claim<\/strong> om een tweede juridische ouder toe te wijzen aan kinderen die al een juridische ouder hebben en die daadwerkelijk bereid is om de ouderlijke verantwoordelijkheid te dragen (BVerfGE 133, 59, 76 par. 46). Het is aanvaardbaar dat een sociale ouder typische juridische bevoegdheden worden ontzegd vanwege de uitsluiting van adoptie. Dit valt ook onder de bevoegdheid van de wetgever om het gezin juridisch te organiseren. Deze bevoegdheid leidt tot <strong>geen verplichting<\/strong>in de organisatie van het gezin in juridische zin <strong>om de familiegemeenschappen op te sporen die daadwerkelijk zijn gevonden<\/strong>. Aangezien het adoptierecht zelf voorziet in een regeling voor het verkrijgen van de ouderlijke status, zou dit niet leiden tot een <strong>familievrijheden<\/strong> maar in de eerste plaats fundamenteel beschikbaar worden gesteld en vorm krijgen. Uitsluitingen of beperkingen waarin de wetgever voorziet, zijn in principe toe te schrijven aan de vormgevingsdimensie van de grondrechten, die echter ook het ontzeggen van ontwikkelingsmogelijkheden omvat. Bijgevolg is er geen herkenbare wettelijke verplichting om volledige wettelijke ouderlijke rechten toe te kennen in elk geval van een bestaande feitelijke ouder-kindrelatie.<strong>\u00a0<\/strong><\/p>\n<p><strong>Classificatie van de beslissing<\/strong><\/p>\n<p>Het BVerfG grijpt de kans, <strong>Wetgevende bevoegdheden<\/strong> grondwettelijk vast te leggen en de bestaande vrijheden te onderzoeken. Fundamentele uitspraken over de verhouding tussen het grondrecht op ouderschap en het grondrecht op een gezin (artikel 6 van de Basiswet) kunnen worden afgezet tegen zowel de discussies over de invoering van ouderschap voor de echtgenote van de moeder als de nieuwe ouderschapsconcepten die worden besproken (zoals intentioneel of preconceptioneel contractueel ouderschap). Centraal in de visie van de Kamer staat dat het fundamentele familierecht <strong>Geen verplichting voor de wetgever<\/strong> kan worden afgeleid, <strong>een sociale ouderlijke positie omzetten in een wettelijke positie<\/strong>. Dit betekent dat het onderscheid tussen sociaal en biologisch\/juridisch ouderschap, dat feitelijk wordt gerealiseerd in patchworkgezinnen, regenbooggezinnen etc., verder zal worden verduidelijkt voor de geplande juridische beleidshervormingen van het afstammingsrecht.<\/p>\n<p>De <strong>Vrouw<\/strong> van de biologische moeder, die onder de huidige wetgeving geen ouder wordt omdat ze geen man is en geen ouder kan worden als haar eicellen zijn gebruikt om het kind te bevruchten, wordt beschouwd als een <strong>sociaal ouderschapscentrum<\/strong> gelokaliseerd. Dit sociale ouderschap vestigt echter fundamenteel <strong>Geen wettelijke ouderlijke positie<\/strong> en brengt ook <strong>geen recht op adoptie<\/strong>. Als een kind <strong>een<\/strong> ouder, wat in het kader van de huidige regeling, \u00a7 1591 BGB, altijd het geval is ten opzichte van de barenden, bestaat er geen recht op toewijzing van een tweede juridische ouder die bereid is de feitelijke ouderlijke verantwoordelijkheid te dragen. Hieruit kan worden geconcludeerd dat de lang besproken toewijzing van de echtgenote als ouder vanuit wetgevend oogpunt mogelijk is, maar grondwettelijk gezien niet vereist is. Aangezien het fundamentele familierecht ook relaties omvat die gelijkwaardig zijn aan een ouder-kindrelatie zonder onder het fundamentele ouderlijke recht te vallen, stelt de Kamer duidelijk dat de wetgever niet verplicht is om in elk geval van een feitelijke ouder-kindrelatie het volledige ouderlijke recht toe te kennen. Dit zal waarschijnlijk een zeker signaaleffect hebben voor de hangende grondwettelijke klachten en verwijzingsbevelen met betrekking tot \u00a7 1592 BGB.<\/p>\n<p><strong>Wat zijn de gevolgen van de beslissing?<\/strong><\/p>\n<p>Zoals ook in de daaropvolgende beslissing van de kamer van 16 april 2025 (arrest van het Bundesgerichtshof van 16 april 2025 - 1 BvR 76\/24) is bevestigd, kan een beslissing van de gespecialiseerde rechtbank niet grondwettelijk worden gehandhaafd wanneer zij, in strijd met de door het Bundesgerichtshof bevestigde uitlegging van \u00a7 1741 lid 2 zin 2 BGB, de adoptie slechts ten aanzien van \u00e9\u00e9n echtgenoot uitspreekt zonder aannemelijke rechtvaardiging. Het moet dus duidelijk zijn dat de beoordeling van de inhoud en de toepasselijkheid van \u00a7 1741 \u00a7 2 zin 2 BGB door het Bundesgerichtshof een persoonlijke uitbreiding van de gevolgen van de adoptie uitsluit, d.w.z. in het bijzonder <strong>Geen selectief voorgenomen ouderschap<\/strong> mogelijk zijn. Dergelijke <strong>Verkiesbare affiniteiten<\/strong> alleen de wetgever kan vaststellen, maar daartoe grondwettelijk niet verplicht is. Vrijheidsrechten maken dus geen selectieve ouderschapskeuzes zonder uitzondering mogelijk, maar zijn fundamenteel <strong>beperkt<\/strong> op de regelingen die de wetgever heeft voorzien en nog zal voorzien, aangezien adoptie een juridische instelling is die ouderschap in de eerste plaats mogelijk maakt en niet in de eerste plaats gebaseerd is op een te erkennen ouderschap. <strong>fysiek<\/strong> ouder-kind relatie.<\/p>\n<p>&nbsp;<\/p>\n<p>Dr. Marko Oldenburger<\/p>\n<p>Gespecialiseerde advocaat voor familierecht en medisch recht<\/p>\n<\/div><\/div><\/div><\/div><\/div><\/div><\/section><section class=\"l-section wpb_row height_small\"><div class=\"l-section-h i-cf\"><div class=\"g-cols vc_row via_grid cols_1 laptops-cols_inherit tablets-cols_inherit mobiles-cols_1 valign_top type_default stacking_default\"><div class=\"wpb_column vc_column_container\"><div class=\"vc_column-inner\"><div class=\"w-message color_blue with_icon\"><div class=\"w-message-icon\"><i class=\"fas fa-lightbulb-exclamation\"><\/i><\/div><div class=\"w-message-body\"><p><span style=\"text-decoration: underline;\"><a href=\"\/nl\/advocaten-2\/dr-marko-oldenburger\/\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">Dr. Oldenburger<\/a><\/span> adviseert en vertegenwoordigt individuen, paren van verschillend geslacht en paren van hetzelfde geslacht op de weg naar vruchtbaarheidsvervulling, inclusief draagmoederschap en internationale adopties. Stuur hem een e-mail op (<span style=\"text-decoration: underline;\"><a href=\"mailto:oldenburger@schneiderstein.de\">oldenburger@schneiderstein.de<\/a><\/span>) of gebruik onze <a href=\"\/nl\/neem-contact-op-met\/mail\/\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\"><span style=\"text-decoration: underline;\">Contactformulier<\/span><\/a>.<br \/>\nTussen haakjes: We bieden landspecifieke pakketprijzen voor draagmoederschap en internationale adoptieprocedures van A-Z (vaste prijzen) of modulaire tarieven afhankelijk van je servicebehoeften. Dit betekent dat je kosten vanaf het begin kunnen worden berekend. <span style=\"text-decoration: underline;\"><a href=\"\/nl\/advocaten-2\/dr-marko-oldenburger\/#topthemen\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">Meer informatie over de kinderwens vind je hier.<\/a><\/span><\/p>\n<\/div><\/div><\/div><\/div><\/div><\/div><\/section>","protected":false},"excerpt":{"rendered":"BVerfG, beslissing van 10 april 2025 - 1 BvR 842\/24 Feiten Een getrouwde man wilde zijn stiefkind uit zijn gescheiden eerste huwelijk alleen adopteren. Zijn huidige echtgenote en de vader en moeder van het meerderjarige stiefkind stemden in met het adoptieverzoek. De adoptie moest worden uitgesproken met de sterke gevolgen van een adoptie van een minderjarige (\u00a7 1772 BGB). In dit verband had het BGH...","protected":false},"author":12,"featured_media":0,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"footnotes":""},"categories":[1],"tags":[],"class_list":["post-5409","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-unkategorisiert"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.anwaelte-schneider-stein.de\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/5409","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.anwaelte-schneider-stein.de\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.anwaelte-schneider-stein.de\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.anwaelte-schneider-stein.de\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/users\/12"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.anwaelte-schneider-stein.de\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=5409"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.anwaelte-schneider-stein.de\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/5409\/revisions"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.anwaelte-schneider-stein.de\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=5409"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.anwaelte-schneider-stein.de\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=5409"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.anwaelte-schneider-stein.de\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=5409"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}